Dit wordt een pijnlijke blog. Er moet me iets van het hart waar ik me al jaren aan erger. Naast het pijnlijke van de schoffelbrigade waar ik niet meer op reageer omdat het mijn humeur verpest. Ik heb geen zin een langspeelplaat te worden die in zijn groef blijft hangen. Liever tracht ik constructief het luie vrolijke tuinieren te promoten en uit te leggen.
Maar er is iets anders wat me bovenmaats ergert en waar ik tot nog toe over gezwegen heb; het ijverige vrolijke tuinieren waar de natuur onder enthousiaste beoefenaars zonder al te veel kennis en kunde als een bouwpakket wordt ingezet. Een sociale verbinder en vermeend helper voor de arme insecten; vlindertjes en bijen. Dit is overigens maar een fractie van de ongewervelden die noodzakelijk zijn voor een gezonde voedselpiramide.
Het WK geveltuinen, plantenbakken in allerlei vormen en maten met vrolijke plantjes, boomspiegels die worden ingeplant, zelfs bomen in bakken als reizend bos, bijenlinten met exotische bolletjes, etc. Groen, gezellig en goed voor de bijtjes, meestal gebeurt dit inmiddels spontaan in de wat betere buurten waarbij de gemeente de plantjes en aarde vergoedt. In achterstandswijken (excuser le mot) gebeurt het gesubsidieerd en met ondersteuning van ‘social professionals’. Want tja, de meeste mensen daar hebben wat anders aan hun hoofd dan gezellig participeren.
Wat kun je daar nu tegen inbrengen zonder als een zure zeur te worden weggezet. Alle berichtjes op de socials zijn kritiekloos happy de peppy en het lijkt alsof we met kleine stapjes de juiste kant op bewegen. Dus ja kritiek is negatief. En ja, het helpt inderdaad om je buren te leren kennen en ja, wij hebben dat als Creatief Beheer ook allemaal gedaan zo’n 20 jaar geleden.
Wat is het probleem? Een paar dagen terug zag ik weer zo’n enthousiaste post op LinkedIn (de zoveelste; het is dagelijkse kost) waarin een kunstenaar plantenbakken om lantaarnpalen heen zette met klimrekjes voor planten en insectenhotelletjes. Een product dat vast niet gratis wordt geleverd. De plantjes die erin gezet werden komen uit tuincentra en overleven de zomer niet vrees ik. Tenzij natuurlijk een actieve buurtbewoner liters water (kraanwater) per dag in de bakken gooit. Daarbij gaat zowat iedereen in Nederland met vakantie in de zomer en tja, dat is lastig met water geven. Bakken die van binnen met worteldoek zijn bekleed en vaak gemaakt met geïmpregneerd hout en ingeplant met plantjes die vol pesticiden zitten. Ik zie al jaren vervallen bakken in de stad en ander fantasievol prachtig ontworpen maar vervallen en afgebladderd straatmeubilair met verdroogde planten. En natuurlijk wordt het dan stilletjes verwijderd. Alle vrolijke plantjes zijn na een jaar meestal verdwenen en moeten vervangen. Er wordt ook continu nieuwe steriele tuinaarde gebruikt. Waar het luie vrolijke tuinieren de natuur het werk laat doen wordt bij dit ijverige vrolijke tuinieren de natuur als bouwpakket beschouwd het tuinieren wordt zo terugkerend extra werk om de natuurlijke neiging van de natuur om een evenwicht te zoeken te weerstaan. Nutteloze planten redden en waardevolle inheemsen verwijderen.
Dus ja, goede bedoelingen met een averechts effect. Ik kon het niet laten en plaatste een reactie onder zo’n post: ‘Gezellig maar het slaat nergens op… heeft onderhoud en water nodig… insecten hebben er geen bal aan… dit is alleen voor de bühne… greenwashing pur sang…’ Natuurlijk ben ik hier een spelbederver maar het is constructief bedoeld. Soms moet je gewoon een knuppeltje gooien in de al te enthousiaste groene Kuifjes bubbel. Ik heb reeds gewaarschuwd dat dit pijnlijk wordt. Dit enthousiasme en positieve energie spant het paard achter de wagen en we rijden vrolijk zingend de verkeerde kant op. Iedere ecoloog kan uitleggen dat het gaat om een gezonde bodem, waardplanten voor de ongewervelden. Insectenhotelletjes doen vaak meer kwaad dan goed. Ze zitten vol parasieten en ongewenste gasten.
MacIvor en Packer (2015) vonden in een onderzoek naar bijenhotels veel parasieten en uitheemse bijen. Inheemse bijen worden vaker geparasiteerd dan ingevoerde soorten en inheemse wespen bezetten driekwart van de hotels. Zij noemden dit "bee-washing".
Lentola e.a. (2017) vonden insecticiden, vaak neonicotinoïden, in 70% van tuincentrumplanten, ook die als bijvriendelijk verkocht werden.
Bijna driekwart wilde bijen nestelt in de grond (Harmon-Threatt, 2020); Lerman e.a. (2018): minder maaien, meer bijen.
Narango, Tallamy en Marra (PNAS, 2018): uitheemse beplanting levert te weinig rupsen voor broedende mezen. Ze vinden een drempel bij zeventig procent inheemse biomassa waaronder de kans op instandhouding van de mezenpopulatie naar nul zakt. (in de biocrow hanteer ik een absolute minimumgrens van 50% inheems dat is dus nog aan de krappe kant voor mezen)
Dan worteldoek, onderzoekers vonden na zeven jaar liggen in een tuin microplastics in de grond onder zwart polypropyleen worteldoek, met zo'n 136 deeltjes per tien gram grond in het bereik van 0,1 tot 0,75 millimeter. Daarnaast bevestigt Nederlands onderzoek dat microplastics in bodems de zuurgraad, het waterbergend vermogen en de microbiële samenstelling veranderen.
Dan nog het geïmpregneerde tuinhout. Het RIVM verrichtte in 2024 een verkenning na Kamervragen, maar noch het RIVM noch de NVWA kende onderzoek waarin de overdracht van stoffen uit geïmpregneerd hout naar gewassen in kaart is gebracht. Wat wél vaststaat: de stoffen kunnen in zekere mate uit het hout naar de grond migreren, CCA-hout met arseen en chroom is sinds juni 2004 verboden voor tuingebruik door particulieren, en het moderne spul werkt met koperverbindingen die bij uitspoeling in de bodem terechtkomen. Niemand weet wat het doet…
En hoe zit dat met potgrond. Een Nederlandse steekproef van PAN-NL (2024): van acht onderzochte potgronden bevatte er maar één geen veen of turf, en in drie van de tien monsters potgrond, tuinaarde en bodemverbeteraar zaten in totaal acht bestrijdingsmiddelen; fungiciden en insecticiden die fataal zijn voor het bodemleven. Dus je zet een plantenbak neer om insecten te helpen en vult hem met grond waar de middelen in zitten die ze doden.
Potgrond bestaat grotendeels uit afgegraven veen, en veengebieden beslaan minder dan drie procent van het aardoppervlak maar leggen ongeveer evenveel koolstof vast als alle bossen samen — bij afgraven komt die koolstof vrij en groeit het in mensenlevens niet terug. Daar komt kunstmest bij, die in de volle grond het bodemleven aantast.
Dit zijn een aantal onderzoeken die mijn argumenten onderbouwen. Zoek het alsjeblieft na als je het niet gelooft… maar dit lijkt me voldoende om het enthousiasme in deze wat te temperen met name de claims dat dit goed is voor de natuur…
Beter iets dan niets gaat hier dus pertinent niet op. Je verstoort simpelweg de stadsnatuur met als enige opbrengst een gezellige uitstraling die bij slecht onderhoud al snel in het tegendeel verandert. Want als het slordig en vervallen raakt heeft het een averechts effect. De schoffelende hovenier grinnikt tevreden over zoveel onbenul. En de enthousiaste ambtenaar voelt zich in de hoek gedrukt want het is een zooitje geworden. Dus mensen maak foto’s van iets dat drie jaar bestaat en er nog steeds goed uitziet in plaats van inplant acties met vrolijke mensen pallets vol plantjes, thermosflessen koffie met koekjes en kubieke meters steriele tuinaarde…
Waarom denken mensen die hieraan beginnen dat het zo simpel is? De biodiversiteit gaat nog steeds achteruit. De anonimiteit en armoede in de volkswijken wordt erger. Een pleister op de wonde geneest de onderliggende ziekte niet.
Ok, dit is van mijn hart. Ik vermoed en hoop dat participatieve vergroeners dit ter harte nemen en de principes van het luie vrolijke tuinieren serieus nemen. Bij mij komt het uit een goed hart en we hebben alle positieve energie nodig. Ik heb dit nu gezegd en laat het hierbij.