We moeten zoeken en met wie moeten we het gesprek organiseren? Wat is een bewonersinitiatief? Hoe kan je zorg verbinden met welzijn met sport? Er wordt geëxperimenteerd in het aanbestedingsbeleid met een vast budget en voor een langere tijd.
Vragen en antwoorden gehoord op een bijeenkomst met de provocerende titel: ‘Hoe kunnen we ontsnappen aan de aanbestedingen.’ Er werden ideeën en ervaringen uitgewisseld inclusief schema’s maar een concrete invulling is nog niet in zicht. Hoe het geld in te zetten en te monitoren zorgt voor hoofdbrekens en opportune oplossingen (misschien moeten we uitgaan van vertrouwen).
‘Dat kun je wel sturen maar het kost tijd.’ Hoorde ik meermalen. Het kost bijna altijd tijd en geld… maar is dat wel zo?
Als we het zelforganiserend vermogen van groepen, netwerken en overkoepelend ecosystemen gebruiken levert de transitie juist geld en tijd op. Zowel direct als indirect. Ik zeg dat dan op zo’n bijeenkomst maar het valt dood tussen alle overige serieuze overwegingen. De meeste aanwezigen zullen het al te simplistisch en te algemeen vinden.
Er wordt veel gepraat op zo’n avond en er zweeft een onuitgesproken aanname door de zaal dat wij hier recht van spreken hebben en dat het gesprek ergens toe leidt. Ik heb heel veel van dit soort avonden meegemaakt en er komt eigenlijk nooit iets wezenlijks uit. Toch is het nuttig te praten maar in mijn optiek om andere redenen dan hier worden uitgesproken. Het gaat erom wat er tussen de regels en de mensen gebeurt. Dat wat niet gezegd wordt maar wel gevoeld.
Wat ik hier bedoel… iets wat ik voel maar niet helder kan maken; het is als zinnig ervaren zinloosheid en als zodanig zinnig. Uiteindelijk keert de wal het schip en dan weet je elkaar te vinden… vergeet niet dat wij mensen slechts dan oprecht zijn als de situatie hierom vraagt.
Een schip hou je drijvend met onderhoud en niet met ontwerp.
Moeten we de mensen niet juist bevrijden uit het systeem ipv het systeem steeds meer te verbeteren.
Voor mij was het een fantastische avond. Omdat ik hoor hoe er gedacht en gepraat wordt met de vrolijke constatering dat er werkelijk ‘gezocht’ wordt. Dat biedt kansen en mogelijkheden voor verandering. Zodra we een concrete weg vinden die ons doet ontsnappen aan aanbestedingen en die ons bevrijdt uit het rigide regelsysteem waarin we leven en dat nog slechts halfslachtig wordt gehandhaafd. We geloven er niet meer in. Parkeerboetes zijn makkelijker en massaal te innen dan bijvoorbeeld het weggooien van afval. Het voelt als het installeren van een nieuwe keuken zonder de afwas te doen.
Ik wil graag helpen in deze concretisering omdat het bewustzijn en de wil er lijkt te zijn bij de huidige generatie ambtenaren. Ik denk dat we op wijkniveau in rollen moeten gaan denken en deze rollen rangschikken aan de hand van belangen. In ons publiek domein kun je zo zes rollen identificeren met wezenlijk andere belangen en expertise. Ik heb ze dierennamen gegeven, zodat ze makkelijker zijn te onthouden en de onderlinge afhankelijkheid in het samenspel wordt geaccentueerd. Ik zal ze voorstellen.
De rat
Dit zijn de bewoners. Ze opereren als ratten in groepen en zijn slim en je kunt er niet van winnen. Ze zijn ook heel divers maar allemaal hebben ze belang bij een gezonde veilige leefomgeving.
Het konijn
Dit zijn vrijwilligers en werknemers. Ze dragen bij maar doen dit wel volgens duidelijke richtlijnen en afspraken. Met standaard een ‘leidinggevende’ in de buurt. Het is van belang dat ze vrolijk zijn en huppelen.
De wolf
Dit zijn investeerders. Ze opereren in roedels en trachten er beter uit te komen dan ze erin komen met winst en aanzien. Ze kunnen zowel nuttig als destructief zijn. Je hebt altijd wolven nodig voor een gezond ecosysteem. (net als alle andere dieren)
Het hert
Dit is de vakvrouw en vakman of natuurlijk uiteindelijk de vakmens. Degene met kennis en kunde over dat wat moet gebeuren. Je ziet direct dat deze rol in frontlijn van de uitvoering is teruggedrongen ten gunste van automatisering en centrale sturing.
De uil
Dit is de ambtenaar de vormgever en bewaker van onze maatschappij en wetten. Een rat heeft geen schijn van kans tegen een uil en de uil werkt traditioneel graag samen met wolven en vossen. Hij zou wat meer oog dienen te hebben voor de ratten, konijnen en herten. Niet indirect als rechtvaardiging van beleid maar direct als vormgever van beleid en uitvoering. Uilen houden van overzicht en controle.
De vos
Dit is de ondernemer, de organisator naast de uilen en direct verbonden met alle overige rollen. De rat als klant, het konijn als medewerker, de wolf als investeerder, het hert voor de kennis en kunde, de uil als facilitator.
Een debat als rollenspel
Een gesprek organiseren met vertegenwoordigers uit deze zes rollen is volgens mij goed te doen en zal concreet zeker wat handvatten opleveren. Dit is dan ook mijn welgemeende tip aan organisatoren die een gesprek over democratie en publiek domein organiseren. Maak er een spel van en laat zien dat al deze rollen van belang zijn. Ons aangeboren gevoel voor rechtvaardigheid doet de rest.